De 5 inzichten waarmee je het gedrag van je kind leert begrijpen

De 5 inzichten waarmee je het gedrag van je kind leert begrijpen

 

Elk gedrag is te verklaren, alleen moet je het wel kunnen begrijpen. Door deze 5 inzichten te lezen snap je het onbegrepen gedrag beter, weet je de onderliggende vraag en kan je er passend op reageren zodat je kind optimaal kan ontwikkelen, zich veilig voelt en jij grip op de situaties krijgt.

Kinderen zijn spiegels van hun omgeving

Kinderen zijn nog erg beïnvloedbaar en kneedbaar. Hoe ze worden behandeld, bewust of onbewust, heeft allemaal sterke invloed op het vertrouwen van het kind. Kinderen zijn spiegels van hun omgeving en vormen hiermee hun gedrag. Toch kunnen sommige kinderen opvallend gedrag vertonen. Iets waarvan je misschien wel denkt: ‘er is iets, maar ik weet niet zo goed wat’. Om het (opvallende) onbegrepen gedrag te begrijpen, moet je de onderliggende hulpvraag weten. Pas dan kan je als ouder de juiste hulp bieden. Ook als Contakids docente wilde ik hier grip op, omdat ik voelde dat er iets achter dit gedrag zat. Vanuit de antroposofie en andere ontwikkelingsboeken die naar het kind als geheel kijken, werd voor mij veel duidelijk. Speciaal voor jou heb ik alles bij elkaar gezet zodat jij niet door stapels boeken heen hoeft te werken.

Ondanks dat de antroposofie soms een stoffig of zweverig imago heeft, nodig ik je uit om verder te lezen. Deze blog is namelijk juist heel concreet, zodat je als ouder echt verder kan.

Rudolf Steiner (filosoof en grondlegger van de antroposofie) onderscheidt, naast de gangbare zintuigen oog, oor, reuk, smaak en tast, ook ander zintuigen. In totaal zijn het er maar liefst 12 zintuigen die hij verdeelt in drie groepen. Een van de drie groepen is de groep ‘lichaamsgerichte zintuigen’ bestaande uit:

  • Tastzin
  • Levenszin
  • Bewegingszin
  • Evenwichtszin

Deze lichaamsgerichte zintuigen worden gevormd in de eerste 7 levensjaren. Na deze 7 jaar komen de andere twee groepen pas aan bod, maar omdat ik me tot de jongste kinderen richt is voor nu alleen de lichaamsgerichte zintuigen relevant.

Wat houdt de tastzin in?

De huid, de binnenkant van de mond en de tong vormen samen het tastorgaan. De huid is onze grens, daarbinnen zijn wij, daarbuiten is de rest van de wereld. De eerste zeven levensjaren is het kind zijn lichaam eigen aan het maken en is de tastzin nog in volle ontwikkeling. Door aanrakingen en contact momenten met de buitenwereld leert het kind de wereld kennen. Via de aanraking leert het kind dat dingen altijd hetzelfde aanvoelen of onderling verschillen. Het houten blokje voelt altijd hetzelfde aan, net zoals de hand van mama. Doordat dit altijd hetzelfde aanvoelt haalt een kind hier veiligheid uit. Een goed ontwikkelde tastzin geeft daarom zekerheid en veiligheid. Als een kind zijn eigenheid goed ervaart ontstaat het verlangen naar verbinding. Dit drukt zich uit in interesse naar de buitenwereld. Kinderen die een onderontwikkelde, beschadigde tastzin hebben, voelen niet de zekerheid en hebben de angst om verlaten te worden.

De vraag die het kind met een onderontwikkelde tastzin onbewust vraag is: “Zie je mij?” ”Zal je me in de steek laten?”. Deze angstgevoelens zitten verstopt in het gedrag van het kind.

Een kind met een onderontwikkelde tastzin voelt dus de angst om in de steek gelaten te worden en zal bepaald (vaak voorkomend)  onbegrepen gedrag vertonen.

Heel nieuwsgierig/snel verveeld zijn.

Dit zijn kinderen waarbij de tastzin verstoort is, de interesse naar de buitenwereld vanuit het verlangen naar verbintenis, is niet of weinig tot stand gekomen. Hierdoor maakt het kind oppervlakkig contact met de dingen om zich heen. De interesse is er niet, waardoor alle contactmomenten vluchtig zijn.

Voorbeeld: Kinderen trekken alle lades open, maar spelen niet met dat wat ze vinden. Zijn niet snel tevreden met de omgeving en willen steeds iets anders/nieuws. Heel vermoeiend voor ouders, zij kunnen soms het gevoel hebben dat zij een 24 uurs-vermaak programma zijn.

Heel plakkerig en hangerig zijn

Dit zijn kinderen die de omhulling en troost van ons nog vaak nodig hebben. Bij hen voel je duidelijk de angst ‘laat me niet in de steek’. Deze kinderen hebben jou nog heel erg nodig.

Voorbeeld: Jouw kind blijft bij nieuwe situaties de hele tijd bij jou en kruipt echt in jou. Waar andere kinderen na een tijdje los komen, blijft jouw kind de hele tijd bij jou. Dit kan soms energie wegzuigend zijn voor ouders omdat ze continu nodig zijn.

Wat kan je doen voor deze kinderen?

Deze kinderen voelen hun eigen begrenzing niet en hebben dan ook behoefte aan voelen en contact. Door voelspelletjes te doen, verschillende materialen te laten spelen en door fysiek contact spelletjes die je samen kan doen, leren ze steeds meer: Dit ben ik en dat is de buitenwereld.

 

Hoe jij als ouder verantwoordelijk bent voor het vertrouwen van je kind
In de Contakids les je hele lichaam voelen

Hoe vormt het levenszintuig zich?

Levenszin zegt iets over onze lichaamsprocessen en zit aan de binnenkant van ons lichaam. De tastzin zegt iets over onze begrenzing en zit aan de buitenkant. Samen vormen ze het IK. Hoe we ons voelen wordt door de levenszin verteld. Dit is de primaire behoefte zoals honger, dorst en slaap. Bij gezondheid is het pijn en ziekte. Ook dat wat we mee maken waardoor we ons verdrietig, blijf of geschrokken voelen, hoort bij het levenszintuig.

Met de levenszin leert de mens zichzelf als eenheid te ervaren. Dat moet nog helemaal ontwikkeld worden bij een pasgeborene. Die kan ongemak nog niet verdragen en zal bij honger zich luidkeels laten horen. Door liefdevolle aandacht leert een kind ongemak te verdragen en behoeften uit te stellen, zonder dat het gevoel van eenheid wordt beschadigd. Met de levenszin beleven we dat we lekker in ons vel zitten.

Kinderen waarbij het levenszintuig niet goed ontwikkelt, is het gevoel van één geheel zijn verstoord. Deze kinderen zijn vaak onrustig en hun grootste angst is dat zij ongewenst zijn en afgewezen zullen worden. Voor hen is oprechte waardering van groot belang. Betuttelend worden willen ze niet, er is behoeft aan tolerantie en ruimte. Dit geneest het gevoel van waardeloosheid en draagt bij aan het gevoel ‘de moeite waard te zijn’.

Als de kinderen een onderontwikkelde of beschadigde levenszin hebben zijn dit de volgende kenmerken van onbegrepen gedrag:

Nerveus en onrustig

Deze kinderen hebben onvolledig ontwikkelde levenszin. De signalen die het lichaam doorgeeft zijn niet fijn. Door rust worden deze signalen gevoeld, door afleiding voelen kinderen het niet.

Voorbeeld: Bij stilte en rust beginnen deze kinderen te praten, te wiebelen, aan zichzelf te frunniken. Ze hebben een talent ontwikkeld om hun lichaam te negeren. Een duw of een geschaafde knie wordt niet gevoeld. Als ouder kan je hierdoor extra beschermd zijn doordat je hen wil behoeden voor meer ongelukken. De grootste angst voor deze kinderen is om ongewenst te zijn.

Wat kan je doen?

Omdat de onderliggende angst is om ongewenst te zijn, is voor deze kinderen waardering en vertrouwen van groot belang. Betutteling of overbescherming zal niet werken. Deze kinderen hebben behoefte aan tolerantie.

Verstoren van sfeermomenten

Deze kinderen hebben een beschadigde levenszin. Tegenovergestelde van afgewezen worden is ergens bij horen zoals het gezin, familie en klas. Iets met een groep ondernemen of feest vieren is erg moeilijk voor deze kinderen.

Voorbeeld: Zij zijn de “vervelende” of “lastige” kinderen op een verjaardagsfeestje of begrafenis. Als ouder kan je hierdoor vaak boos of wanhopig worden omdat je het niet veranderd krijgt.

Wat kan je doen?

Bij peuters en kleuter is het fijn om niet te veel of te weinig zintuig indrukken te geven. Bereid deze kinderen voor op wat komen gaat. Zo leren ze overzicht krijgen of leren ze zich te kunnen verheugen. Veel herhaling helpt, hetzelfde liedje, verhaaltje etc.

Om kinderen hun lichaam als één geheel te laten ervaren en de levenszin te stimuleren kan je ook op een fysieke wijze daar aan bijdragen. Bijvoorbeeld het verschil laten voelen tussen koud en warm. Na een koude wandeling in een warm huis binnenstappen. Of na een hete zomerdag koud af douchen.  Voldoende slaap is bij deze kinderen ook van groot belang. Pijn mag er ook zijn. Te veel pijnstillers of koorts onderdrukkende pillen verstompen ook de levenszin. Rondom het eten kan je ook al veel doen. Het leren uitstellen van behoeften als honger en dorst zoals even wachten tot dat iedereen aan tafel zit. Maar ook niet te zwaar eten en overeten leert het negeren van lichaamssignalen.

Na fysieke inspanning, mag er ook ontspanning zijn in de Contakids les

Waarom is de bewegingszin zo belangrijk?

De bewegingszin heeft alles te maken met ons bewegen. Dieren bewegen vanuit hun instinct, de mens omdat die iets wilt. Zo leert een baby ook. Omdat het kind de rammelaar wilde pakken rolde hij om. Omdat zij naar mama toe wil, zet zij haar eerste stapjes. Met deze bewegingszin nemen we dus ons bewegen waar. Om te overleven hebben we een paar reflexen, deze worden naar mate een kind meer controle heeft minder, omdat het kind steeds bewuster het lichaam kan sturen.

Indirect nemen we ook het bewegen van ander waar. Als iemand anders beweegt, bewegen we onbewust een heel klein beetje mee. Deze eigenschap hebben we omdat we leren door na te doen. Door bewegingen na te bootsen uit ons omgeving, te herhalen, maken we ons de beweging meester. Hoe meer bewegingen het kind zich eigen maakt, hoe meer de vrijheid en het gevoel voor oriëntatie toe neemt. Met oriëntatie bedoel ik het passend reageren op de omgeving. Volwassenen doen dit door innerlijk mee te bewegen. Kinderen bootsen dat na en oriënteren zich zo op de situatie.

Een kind dat de bewegingszin niet volledig ontwikkeld heeft kan het plezier in bewegen verliezen en dat uit zich in bepaald onbegrepen gedrag:

Onhandig en teruggetrokken

Dit zijn kinderen die de vrijheid van bewegen niet goed ervaren. Niet zij zelf, maar het reflex stuurt de beweging. Hierdoor kunnen ze het plezier (deels) in het spelen verliezen. Hun eigen lichaam zit dan in de weg en doet niet zoals ze dat willen. Deze kinderen kunnen niet altijd passend reageren, ze voelen zich onhandig of schrikken, waardoor ze onzeker worden en zich eenzaam en moedeloos voelen.

Voorbeeld: Deze kinderen kunnen enorm schrikken van drukke kinderen of een enthousiast hondje dat even langs komt. Vaak vind je deze kindjes aan de kant of bij een muur. Door het afstandelijke gedrag geven deze kinderen een koude indruk. Als ouder kan je je zorgen maken om het sociale gedrag van je kind omdat deze interactie uit de weg lijkt te gaan. Een klassiek geval van onbegrepen gedrag, want het kind gaat interactie niet uit de weg, maar zijn eigen bewegen en is er dus automatisch minder interactie, want het kind voelt zich onzeker in zijn eigen lichaam.

Wat kan je doen?

Juist deze kinderen hebben behoefte aan nabootsing en samen dingen doen, zodat ze via het nadoen regie krijgen over hun eigen bewegen en het plezier in spelen terug vinden. Hierdoor krijgen ze meer zekerheid, zullen ze minder snel schrikken en zullen ze er sneller op uit gaan en contact zoeken met anderen bij het spelen.

 

spelen kind 2-5 jaar bij Contakids Nikki in Nijmegen
Samen met z’n alle in de kring in de Contakids les

Super wijs en motorisch onhandig

Dit zijn kinderen waarbij hun bewegingszin ontwikkeling is afgeremd. Je zult ze dan ook niet snel in een boom zien klimmen of (lang) rennen, maar eerder rustig zittend aan een tafel terwijl ze de boel in de gaten houden of zich bezig houden met cognitieve spelletjes/oefeningen zoals lezen.

Vaak is er met hun spieren niks mis en zijn ze ook hun reflexen de baas (wat hierboven het probleem was). De redenen liggen vaak buiten hun zelf. Doordat een ander zintuig niet goed werkt zoals een slecht werkend oog, komt hun bewegen niet tot volledige uiting. Maar ook veel prikkels en wisseling van omgeving zijn schadelijk voor dit zintuig. Veel ziekenhuis opnames, verhuizen, geweld, of extreem veel elektrische schermen (mobiel, tablet, tv) kan de bewegingszin afstompen. Maar ook door het kind veel alleen te laten of agressief te benaderen remt dit het vermogen van de nabootsing. Ze kunnen hierdoor niet goed nabootsen, omdat ze prikkels moeten verwerken, en lopen hierdoor motorisch vaak wat achter.

Voorbeeld: Deze kinderen kunnen heel wijs en ouder overkomen, praten veel als een soort compensatie voor hun motorische onhandigheid. Veel ouders zijn vaak trots op het feit dat hun kind al van alles kan, terwijl het kind lijfelijk zich onhandig voelt en juist niet over gestimuleerd hoeft te worden met het hoofd. Je zou kunnen zeggen dat het ook onbegrepen gedrag is. Doordat het lijkt alsof het kind veel vertrouwen heeft doordat het al zo wijs en cognitief ver is, maar als de motoriek achterblijft. Schuld er toch een grote onzekerheid bij het kind wat vaak niet gezien wordt

Wat kan je doen?

Deze kinderen hebben veel behoefte om samen dingen te doen, zodat vanuit het samenzijn het plezier in het nabootsen teruggevonden kan worden. Hierdoor kan de motoriek ontwikkeld worden en het vertrouwen in hun eigen kunnen en lichaam komt weer terug. Vaak is het praten of het wijze gedrag afleiding van de pijn en de eenzaamheid die de kinderen voelen doordat ze motorisch niet mee komen. Op het moment dat ze het vertrouwen en de rust hebben om te kunnen nabootsen, zal de motoriek weer op gang komen, waardoor ze weer vrijheid ervaren in hun eigen lichaam en niet alleen continue in het hoofd zijn.

De twee gedragstype lijken erg op elkaar maar zijn wel verschillend:

  1. Vanuit binnenuit: Het reflex dat de baas is van hun beweging en niet zij zelf.
  2. De ander via buitenaf: Ze voelen zich geremd door de omgeving.

Wat voor beide gedragstype geldt: Ze hebben meestal geen plezier in bewegen. Om het plezier weer terug te krijgen is het belangrijk om het kind de tijd te geven en te betrekken bij jouw handelingen. Ouder en kind activiteiten zijn dan ook zeer geschikt. Daarnaast is een duidelijk en evenwichtig ritme tussen inspanning en rust belangrijk.

Belangrijk is dat deze kinderen op hun eigen tempo mogen ontwikkelen. Forceren en pushen zal tot een tegenovergestelde reactie leiden. Door te benadrukken dat ze op eigen tempo mogen meedoen, misschien met tussen stapjes en met jouw ondersteuning, zal het vertrouwen in het eigen bewegen toenemen en daarmee ook het zelfvertrouwen.

Even rustig kijken. Ieder kind op zijn eigen tempo in de Contakids les

Evenwichtszin gaat samen met het bewegingszin

Met de tast en levenszin ervaren we onszelf. De tastzin aan de buitenkant, de levenszin aan de binnenkant. Met de beweging en evenwichtszin verhouden we ons tot de omgeving. Met de bewegingszin treden we naar buiten en met de evenwichtszin komen we tot rust. Middels de evenwichtszin richten wij ons tegen de zwaartekracht in. We richten ons op en drukken onze persoonlijkheid uit. Een goed ontwikkelde evenwichtszin creëert rust. We kunnen ons bewegen en ons lichaam in balans houden.

Een kind dat zich onbevangen door de ruimte heen beweegt ontwikkelt het bewegen en de balans. Het is belangrijk dat het kind ongestoord kan ontwikkelen en hierin niet geremd wordt door waarschuwingen. Een blauwe plek is niet erg, het storen van het zelfvertrouwen en het onbevangen wel.

Kinderen die geremd zijn in het ontwikkelen van hun evenwichtszin hebben de volgende uitingen:

Onhandigheid en angstig

Deze kinderen hebben neiging tot veel vallen, blijven billen schuivers en willen niet kruipen. Momenten waarop voeten de vloer/vaste aarde niet meer aanraken kan paniek veroorzaken, evenals over een brug lopen, van de glijbaan af gaan of op een stoel klimmen. Hierdoor houden ze zich vaak vast aan leuningen, hebben ze moeite met nabootsen en zijn ze wat onhandig.

Wat kan je doen?

Als ouder is het belangrijk dat je je kind tijd en ruimte geeft. Stimuleer zoveel mogelijk activiteiten zodat ze in beweging komen. Zeker balans spelletjes zoals over een muurtje lopen of in een boom klimmen zijn goed, maar forceer niets. Begin met hulp en laat dan steeds meer het kind aan zichzelf over, zodat de evenwichtszin zich steeds meer ontwikkelt en zelfvertrouwen groeit.

 

Waarom wil je dat deze zintuigen optimaal ontwikkelen bij je kind?

Uiteindelijk zijn alle zintuigen met elkaar verbonden en ervaren we onszelf als een geheel en verhouden we ons tot de omgeving. Net zoals andere zintuigen mogen deze ook veel geoefend worden. Deze kan je dus niet over ontwikkelen! Als je ze alle vier optimaal ontwikkelt bij je kind betekent dat automatisch dat jij jouw kind tijd, ruimte, liefde en vertrouwen geeft. Daarbij horen de pijnlijke momenten van vallen, maar ook bijvoorbeeld afgewezen worden door een vriendje omdat je te bazig was. Via vallen en opstaan leert het kind. Als ouder kan je alleen maar een warm veilig thuis geven die je kind uitnodigt en aanmoedigt de balans te vinden. Dan leren kinderen: Door fysieke activiteiten je helemaal in te kunnen spannen, maar ook volledig over te geven aan de rust.

Door pijn te ervaren leert een kind wat moed en empathie is. Door te vallen, leert het kind het de volgende keer anders te doen. Door een fijne veilige thuishaven weet een kind wat goed en fout of respect en respectloos is.

Ik hoop  dat door het lezen van dit blog je meer grip op het onbegrepen gedrag van je kind hebt gekregen. Natuurlijk zijn er nog duizenden facetten die mee spelen in het gedrag en ontwikkeling van je kind. Toch heeft deze informatie mij geholpen om grip te krijgen wat er aan de hand was met sommige kinderen en kon ik ouders beter advies geven waarmee ze verder konden. Dit blog is bedoeld als handvat om onbegrepen gedrag beter te kunnen gaan begrijpen doordat je weet waarom een kind iets doet.

Ik geloof dat elk kind behoefte heeft aan een goed ontwikkelde tastzin, bewegingszin, levenszin en balanszin. [Dat alles komt samen in de Contakids methode] Op deze manier wordt een kind zelfredzaam en krijgt hij/zij meer vertrouwen in eigen kunnen en lichaam zodat je kind optimaal kan ontwikkelen en alles eruit haalt wat erin zit!

 

Wil jij via plezier, beweging in contact zijn met je kind, kom dan een Contakids cursus doen en ervaar wat aandacht, actief zijn, aanraking en samenzijn kan doen voor jullie twee? Kom dan naar een Contakids cursus of kom proeven bij een workshop

 

Blog: januari 2019
geschreven door; Nikki Rasing

Bronnen: 
Een bodem onder het bestaan – Psychomotorische therapeut Susan van Kempen (verzameling van artikelen en informatie van verschillende boeken) 
De 12 zintuigen – A. Soesman

Leave a Reply